Vijftig jaar kostenbeheersing in de zorg (deel 2, 1995-2023)

 

 

Karel-Peter Companje

 

Ons lid Karel-Peter Companje gaf op 7 december een overzicht van de inspanningen van achtereenvolgende kabinetten in de periode 1965-1995 om de kosten van de zorg in Nederland te beheersen. Op 18 januari besprak hij de periode na 1995.

In de negentiger jaren blijkt het systeem van aanbodregulering in de zorg (via bouwbeleid, beddenreductie  en budgettering) vast te lopen: er ontstaan forse wachtlijsten. De oplossing die de regering zag in “gereguleerde marktwerking” bleek rond 1992 geen oplossing. De rechter constateert, dat de overheid zijn (harde) zorgplicht niet nakomt.

In de periode 1998-2003 exploderen de wachtlijsten. In de gegroeide situatie is onduidelijk hoe de verantwoordelijkheid voor de zorgkosten is verdeeld tussen verzekeraars en zorgaanbieders; ook ligt de nadruk meer op rechtmatigheid van de zorguitgaven dan op doelmatigheid. Om de problemen op te lossen streeft de regering naar een basisverzekering curatieve zorg. Deze komt er in 2006: de Zorgverzekeringswet 2006, met acceptatieplicht (de zorgverzekering kan niemand weigeren), verzekeringsplicht (iedereen is verplicht zich te verzekeren) en een verbod op premiedifferentiatie (bij één verzekeraar betaalt iedereen de zelfde premie voor de basisverzekering) naast marktwerking (zorginkoop als instrument om kosten te beheersen).
En met de Wet marktordening gezondheidszorg worden de verhoudingen tussen veldpartijen en overheid geregeld (de Zorgautoriteit).

In zijn lezing gaat spreker verder nog in op de Zorgakkoorden, de Wet voorzieningen gezondheidszorg, de Wet maatschappelijke ondersteuning (waarin de langdurige zorg wordt geregeld) en de decentralisatie van onder meer de Jeugdzorg.

De lezing is te bekijken en/of te downloaden door hier te klikken