Dr. F.J. (Frans) van Schaik, gepensioneerde medewerker van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium (NLR), vertelde over de afhandeling van het vliegverkeer boven Nederland, met name rond Schiphol.  De vliegverkeersleiding speelt daarbij een belangrijke rol, waarbij geldt dat piloten de instructie van de verkeersleiding altijd moeten opvolgen, behalve als het automatische veiligheidssysteem van het vliegtuig ( Aotumatic Dependent Surveillance systeem) een opdracht geeft.

Voor de verkeersafhandeling wordt een op hoogte gebaseerd systeem gebruikt. In het algemeen is or onder de 300 of 500 m geen verkeersbegeleiding voor vliegtuigen, behalve in het territorium van een vliegveld. Direct rond het vliegveld is de ruimte ingedeeld in zones en naar hoogte waarbij verschillende begeleidende verkeersleiders taken hebben en van elkaar overnemen, allemaal vanuit de verkeerstoren op Schiphol. Daarboven bevindt zich een sector van “overvliegend” verkeer dat vanuit Maastricht begeleid wordt; deze vliegtuigen hebben niets met Schiphol te maken. Voor de daling en stijging zijn specifieke corridors gemaakt.

Vervolgens ging spreker in op de communicatiemiddelen in de luchtvaart en de hulpmiddelen rond het dalen naar een bepaalde landingsbaan, zowel wat betreft hoogte als richting.

Tot slot liet hij het principe zien van het Free Flight Operational Concept waarbij een bepaald gebied rond een vliegtuig de “verboden zone” is, een cirkel met een straal van 5 zeemijlen en een hoogte van 2000 voet. Daarbij moeten met elkaar communicerende vliegtuigcomputers het probleem van het vermijden van een botsing, oplossen.

De powerpoint van de presentatie is te downloaden.